Mag de verhuurder mijn boot en ligplaats afpakken na het overlijden van mijn partner?

Rechtsgebied (jurisdictie): Nederland • Rechtsgebied (vakgebied): Huur- en woonrecht • Verantwoordelijk redacteur: Cong Ho• Gepubliceerd 5 november 2026

Korte samenvatting

Nee, de verhuurder mag de huur niet zomaar beëindigen omdat uw partner is overleden. Omdat uw partner de eigenaar was van de woonboot, heeft u als partner wettelijke bescherming om de huur voort te zetten.

De situatie

Sinds begin 2020 huurden mijn partner en ik samen een ligplaats in een jachthaven in Zeeland voor onze woonboot. Mijn partner was de officiële huurder van de ligplaats en was ook de enige eigenaar van de drijvende woonboot zelf. Helaas is mijn partner afgelopen maand plotseling overleden. Nu zitten we in een heel nare situatie. De beheerder van de jachthaven heeft ons gisteren gebeld en gezegd dat omdat mijn partner de huurder was, het huurcontract nu direct stopt en dat we de boot binnen twee weken weg moeten halen. Hij beweert dat het contract niet zomaar overgaat op de erfgenamen. Ik heb al geprobeerd uit te leggen dat de boot eigendom is van de overledene en dat ik als partner de boel wil voortzetten, maar hij blijft voet bij stuk houden. Ik wil de woonboot en de ligplaats heel graag behouden, want dit is ons thuis. Ik weet niet of de verhuurder zomaar mag beslissen dat we weg moeten omdat de huurder is overleden, zeker omdat de boot zelf ook van de overledene was. Wat zijn mijn rechten als partner in dit geval?

Uitgebreide analyse

In uw situatie is de wet heel duidelijk over de bescherming van partners bij het overlijden van een huurder van een ligplaats. Een ligplaats is een plek in het water om een drijvend object voor bewoning, zoals uw woonboot, aan te meren[2].

Omdat uw partner de eigenaar was van de woonboot die op de ligplaats lag, geldt er een speciale bescherming. De wet stelt dat "Bij overlijden van de huurder van een ligplaats is artikel 268 niet van toepassing indien die huurder eigenaar was van het op die ligplaats afgemeerde voor bewoning bestemde drijvend object"[1]. Dit betekent dat de standaardregels die de huur zouden kunnen beëindigen bij overlijden, niet gelden voor uw situatie.

Verder is er een extra waarborg voor u als partner. De wet bepaalt dat "Van dit artikel en van artikel 229 leden 1 en 3 kan niet ten nadele van de erfgenamen, onderscheidenlijk de echtgenoot of geregistreerde partner, worden afgeweken"[1]. Dit houdt in dat de verhuurder de regels niet mag gebruiken om u als partner de toegang tot de ligplaats te ontzeggen. De bewering van de beheerder dat het contract direct stopt, is dus juridisch onjuist. U heeft het recht om de huur voort te zetten als erfgenaam of partner.

Er is geen onzekerheid over de basisrechten in deze situatie, zolang de boot inderdaad voor bewoning bestemd was en uw partner de eigenaar was.

Wettelijke bronnen

Wettelijke bron: Burgerlijk Wetboek Boek 7 (koop, huur, arbeidsovereenkomst) art. BW 7, art. 268a — Artikel 268a
"Bij overlijden van de huurder van een ligplaats is artikel 268 niet van toepassing indien die huurder eigenaar was van het op die ligplaats afgemeerde voor bewoning bestemde drijvend object. ... Van dit artikel en van artikel 229 leden 1 en 3 kan niet ten nadele van de erfgenamen, onderscheidenlijk de echtgenoot of geregistreerde partner, worden afgeweken."
Officiële wetgeving bekijken →
Wettelijke bron: Burgerlijk Wetboek Boek 7 (koop, huur, arbeidsovereenkomst) art. BW 7, art. 236a — Artikel 236a
"Onder ligplaats wordt verstaan een plaats in het water bestemd voor het afmeren van een voor bewoning bestemd drijvend object."
Officiële wetgeving bekijken →

Belangrijke juridische disclaimer

Algemene juridische informatie, geen formeel juridisch advies. De informatie op LawAsked vormt geen formeel juridisch advies en creëert geen advocaat-cliëntrelatie. Hebt u juridische hulp nodig, raadpleeg dan een bevoegde advocaat in uw rechtsgebied.

Een vergelijkbare situatie?

Stel uw vraag over uw specifieke zaak aan de AI Lawyer-app.

Gerelateerde vragen